Coby van der Linde, directeur Clingendael International Energy Programme:

"Overheid moet keuzes maken voor duurzame energievoorziening"
Duurzame energie die ook nog eens betaalbaar is – dat willen we allemaal wel. Maar de weg erheen is nog niet zo eenvoudig. Coby van der Linde, directeur van Clingendael International Energy Programme, schetst een aantal essentiële uitgangspunten. “Op het gebied van het klimaatbeleid verwacht ik meer verplichtingen en minder vrijblijvendheid.”
Nuon wil in 2050 klimaatneutraal opereren. “Maar de overgang van de huidige energievoorziening naar een duurzame toekomst kent veel onzekerheden”, benadrukt Van der Linde. “Daar komen de economische crisis en de tegenvallende klimaattop in Kopenhagen nog eens bij. Niemand weet hoe snel de economie zich herstelt. Ook blijven bindende internationale klimaatafspraken uit. Onduidelijkheid is lastig voor ondernemingen die fors willen investeren in een duurzame energieproductie.”
Slim investeren
Waar wel duidelijkheid over is, is het hoge ambitieniveau van de Nederlandse overheid dat uitgaat van 20% duurzame energie in 2020. Van der Linde: “Het beleid is streng en je mag verwachten dat het nog steviger wordt – ook na 2020. Ondanks onzekerheden moeten we nu een flinke slag maken, maar de timing en ‘economics’ moeten wel kloppen.”
De vraag is welke investeringen dan voor de hand liggen. Investeren in flexibiliteit lijkt daarbij een sleutelwoord, stelt Van der Linde. “We hebben het dan onder meer over flexibele energiecentrales die snel op- en afgeschakeld kunnen worden en daarmee in kunnen spelen op een wisselend en bovendien sterk groeiend aanbod van windenergie. Denk hierbij aan centrales die gebruikmaken van vergassingstechnologie zoals de geplande energiecentrale Nuon Magnum.”
Flexibele energievoorziening
Daarnaast gaat het om flexibiliteit in de brandstofkeuze. Voorlopig hebben we naast duurzaam opgewekte energie nog fossiele brandstoffen nodig om tegemoet te komen aan de energievraag. Voor Nederland is er een aantal voor de hand liggende opties. Zo is aardgas een logische keuze: het is ruimschoots beschikbaar en relatief CO2-arm ten opzichte van andere fossiele bronnen. Ook kolen zijn voorlopig nodig.
We moeten dan wel de ideale situatie voor ogen houden: een duurzame energievoorziening. Dit betekent onder meer een keuze voor het zo efficiënt mogelijk inzetten van de nu nog noodzakelijke fossiele brandstoffen en een systeem van CO2-afvang en -opslag (CCS) om de uitstoot van CO2 fors te kunnen beperken.
Samenspel
“Voor energiebedrijven is het nu de uitdaging om, ondanks onzekerheden, een goed systeem op te zetten richting een duurzame, betaalbare en zekere energievoorziening”, besluit Van der Linde. “Aangezien het gaat om grote investeringen, heeft ook de overheid een belangrijke rol.
Zo is er onzekerheid over de ontwikkeling van de CO2-prijs. Dit terwijl er een redelijke prijs nodig is om investeren in onder andere CCS haalbaar te maken. Een duidelijk beleid is daarom belangrijk voor bedrijven bij het kunnen maken van keuzes. De overheid moet de richting aangeven en duidelijkheid scheppen over zaken als het klimaatbeleid en mogelijkheden voor CCS.”



