Nieuws | 04-03-2011 | 15:30 PM

Natuur, milieu en economie hand in hand in ontwikkeling Eemsregio

Zes natuur- en milieuorganisaties (NMO’s), RWE Eemshaven, Nuon en Groningen Seaports (GSP) hebben afspraken gemaakt die moeten leiden tot een duurzame economische ontwikkeling van de Eemsregio. Vandaag heeft de Commissaris van de Koningin in Groningen, Max van den Berg, in zijn rol als onafhankelijk voorzitter het zogenoemde ‘E-Pact’ officieel gepresenteerd: “Hier in Groningen gaan wij bewijzen dat het kan; een grote stap voorwaarts in werkgelegenheid en economische activiteit hand in hand laten gaan met behoud en versterking van een gezonde en duurzame leefomgeving.” Het E-pact is het resultaat van dialoogproces met natuur- en milieuorganisaties dat ruim 2 jaar geleden is opgestart door de bedrijven Nuon, RWE Eemshaven en Groningen Seaports. De betrokken natuur- en milieuorganisaties zijn Stichting Het Groninger Landschap, Stichting Natuur- en Milieufederatie Groningen, Vereniging tot behoud van Natuurmonumenten, Staatsbosbeheer, Stichting WAD en de Waddenvereniging. Er zijn thema’s geïdentificeerd in het kader van techniek van de centrales, energietransitie en duurzaamheid, vaargeul- en havenuitbreiding en ecologische optimalisatie. Vruchtbare basis verdere samenwerking De vele bedrijfseconomische en ecologische onderzoeken die deel uitmaken van de dialoog hebben geresulteerd in een vruchtbare basis voor verdere samenwerking en tot het staken van een aantal juridische procedures. Deze ontwikkeling wordt versterkt door de actieve betrokkenheid van de Provincie Groningen die heeft geleid tot de ideale driehoek van bedrijfsleven, overheid en natuur- en milieuorganisaties. Kostbare juridische procedures kunnen voorkomen worden De driehoek geeft ook de mogelijkheid om toekomstige ontwikkelingen op het gebied van techniek, emissies, milieukwaliteit en natuurherstel in een breder kader te bespreken en alle partijen in een vroegtijdig stadium te betrekken, waardoor kostbare juridische procedures in de toekomst voorkomen kunnen worden. Grote betekenis energietransitie en duurzaamheid Ook op het gebied van energietransitie en duurzaamheid zullen de drie partijen veel voor elkaar betekenen. Zo kunnen de bedrijven, gesteund door de natuur- en milieuorganisaties, verder gaan met het ontwikkelen van maatregelen die leiden tot substantiële emissiereductie van CO2, bijdragen aan de verduurzaming van de regio en de ontwikkeling van de regionale kenniseconomie. Bijdragen aan natuurontwikkeling in de regio De bedrijven hebben de afgelopen jaren al op verschillende manieren een bijdrage geleverd aan de natuurontwikkeling in de regio.
  • Zo is 50 hectare natuur in de Emmapolder volledig ingericht als leefgebied voor trekvogels.
  • RWE en Nuon gaan in aanvulling hierop de komende tien jaar de ecologische kwaliteit verbeteren op de eilanden Ameland en Schiermonnikoog. Dit in samenwerking met Natuurmonumenten, Staatsbosbeheer en andere partijen.
  • Ook is er een zogenoemde ecostrook in de Oostlob (Eemshaven) aangelegd waardoor een uniek leefgebied voor flora (o.a. de groenknolorchis) en fauna (waterspitsmuis) is gecreëerd.
  • Verder is er door de uitkoop van 11 garnalenvissers een stiltegebied tot stand gekomen van liefst 5000 hectare.
  • En in het zuidelijk Dollard-gebied wordt met het beheer van 23 hectare aan kwelders een bijdrage geleverd aan de duurzame kwaliteitsverbetering van de lokale maritieme natuur.
Eems-Dollard Estuarium in beweging Niet alleen op bestaande en lopende ontwikkelingen hebben E-pact partijen elkaar gevonden. Ook het Nederlands-Duitse dossier omtrent het Eems-Dollard Estuarium is onder invloed van de E-pact dialoog in beweging gekomen. De huidige E-pact partijen zullen zich blijven inzetten voor een lange termijn visie en ontwikkeling van ecologisch herstel van het Eems-Dollard Estuarium. E-pact is goede basis verder samenwerking Het E-pact proces heeft dus laten zien dat samenwerking tussen economie en ecologie mogelijk is en heeft tevens een goede basis gelegd voor verdere samenwerking in de toekomst. Onderwerpen als energietransitie, duurzaamheid en verdere ontwikkeling van een energie(kennis)economie in de regio kunnen, ook voor overige partijen in de regio, vanuit de nu bestaande dialoog en samenwerking worden uitgevoerd en op een bredere agenda geplaatst worden.